reuzin
vrouwelijk (de)/røˈzɪn/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- (persoon) (mythologie) (folklore) zeer groot, vrouwelijk mensachtig wezenZowel het groteske beeld als het beeld van de mensenetende reus is lang populair gebleven in de IJslandse volkssprookjes. De heks van ‘Hans en Grietje’ is op IJsland een mensenetende reuzin geworden.
- (persoon) buitengewoon grote of indrukwekkende vrouwNederlandse vrouwen lijken in sommige landen, zoals bijvoorbeeld Japan, wel reuzinnenHet is een lexicon, met portretten van vrouwen uit de Nederlandse geschiedenis, zoals de reuzin Trijntje Keever en de zangeres Conny Vandenbos.
Etymologie
*van Middelnederlands "resinne", op te vatten als afgeleid van reus , waarbij de slotmedeklinker weer stemhebbend wordt
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek