reigers

/plaatshouder taxonomie/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. roeipotigen (roeipotigen) een familie van vogels uit de orde van roeipotigen. De familie telt 66 soorten. De meest voorkomende reigersoort in Nederland en België is de blauwe reiger. Ook de grote zilverreiger, kleine zilverreiger, purperreiger, roerdomp, woudaap en kwak komen in Nederland en België voor; de groene reiger en de ralreiger worden soms als dwaalgast waargenomen

Etymologie

* "reiger" met de uitgang -s