regenjas

mannelijk/vrouwelijk (de)/ˈreɣə(n)ˌjɑs/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. kleding (kleding) een waterdichte overjas die geschikt is voor regenachtig weer
    Ik wou dat ik mijn regenjas meegebracht had!
    Bezorgd en koud wikkelde ik mijn regenjas om mijn voeten in de hoop droog te blijven.
  2. condoom (uit Mieters! Door Wim Daniels)

Vertalingen

Engelsraincoat
Fransimperméable
DuitsRegenmantel, Regenjacke
Spaansimpermeable, gabardina