recreatievaart

mannelijk/vrouwelijk (de)/rekreˈja(t)siˌvart/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. scheepvaart (scheepvaart) vrijetijdsbesteding in de vorm van het besturen van een boot of het meevaren op een als vrijetijdsbesteding bestuurde boot
    De duwvaart met meer dan twee duwbakken mag alleen ’s nachts opereren als de recreatievaart is verdwenen.
    De afgelopen jaren is de registratie van ongevallen in de recreatievaart „geïntensiveerd”, zegt een woordvoerder van Rijkswaterstaat.