reclame

mannelijk/vrouwelijk (de)/xxxx/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. economie (economie) het verstrekking van informatie over diensten en producten, en vooral ook de aanprijzing ervan, met het doel er meer van te leveren
    Wij storen ons altijd flink aan de onderbrekingen van televisieprogramma's voor de reclame.
    Niemand kent uw zaak, u mag wel wat meer reclame maken.
    De man ging bij het vuur zitten en stak een peuk op, net als de Marlboro-man uit de oude reclames.
  2. sociologie (sociologie) het onder de aandacht brengen en oproepen tot het deelnemen of bijdragen aan ideële (hulp-) acties, deelname aan sociale projecten, stemmen op politieke partijen enz.
    Mede door de sympatieke reclame hebben velen hun steun aan het project toegezegd.
  3. economie, verouderd (economie), (verouderd) een klacht bij de leverancier over een geleverde dienst of gekocht product
    Met reclame komt men nu niet meer bij de klantenservice, wel om te ruilen of te klagen over aankopen.

Etymologie

* Leenwoord uit het Frans, in de betekenis van ‘bezwaar, beklag’ voor het eerst aangetroffen in het jaar 1701

Uitdrukkingen

  • reclame maken vooriets aanprijzen
  • mond op mond reclamehet in de (potentiële) klantenkring rondgaan van aanbevelingen

Vertalingen

Engelsadvertisement, complaint
Franspublicité, pub, revendication
DuitsReklame, Werbung, Reklamation
Spaanspublicidad