rechtlijnigheid

vrouwelijk (de)

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. het strikt regels en wetten volgen
    Koster hoopt dat Franciscus' betrokkenheid bij mensen groter is dan zijn rechtlijnigheid in de kerkelijke leer.
  2. het via de kortst mogelijke weg iets bewerkstelligen
    Sakozy daarentegen wordt geroemd om zijn rechtlijnigheid, zijn energie en ervaring.
    De kritiek heeft ook te maken met de wijze waarop Dijsselbloem opereert. Hij houdt vergaderingen kort, is wars van wollig of ronkend taalgebruik en hecht aan duidelijkheid en rechtlijnigheid. Een heel verschil met Dijsselbloems voorganger, Jean-Claude Juncker.

Etymologie

* afleiding van rechtlijnig