ravitaillering
vrouwelijk (de)/ravitɑˈjerɪŋ/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- het ravitailleren, het bevoorraden of bevoorraad-worden
- bevoorradingspost
Etymologie
* van ravitailleren
Vertalingen
Engelscatering
Spaansabastecimiento, avituallamiento
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek