rapporteur
mannelijk (de)/ˌrɑpɔrˈtør/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- iemand die volgens opdracht of krachtens functie een rapport, verslag (van een voorval) uitbrengtDe rapporteur sprak maandag zijn woede uit over de executie van vier mensen, die direct betrokken waren bij de protesten.
- (meetkunde) (gereedschap) gradenboog, hoekmeter
Etymologie
* van rapporteren
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek