punkgroep

mannelijk/vrouwelijk (de)/ˈpʏŋkxrup/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. muziek (muziek) muziekgezelschap dat eenvoudige, luide rockmuziek speelt zoals die paste bij een stroming die zich rond 1980 afwijzend opstelde tegenover de gevestigde orde
    De punkgroep Breznew is losgebarsten en er heeft zich voor het podium een wild dansgroepje gevormd van vervaarlijk uitziende en krijsende punkers.