prosodie

vrouwelijk (de)/xxxx/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. leer van het gebruik van de woorden en lettergrepen in de versbouw of zinsbouw
  2. (in de fonologie:) het ritme, de klemtoon en de intonatie van de stem bij het uitspreken van een zin of zinsdeel (in tegenstelling tot kleinere elementen als woorden en morfemen)

Etymologie

* Leenwoord uit het Frans of Latijn, in de betekenis van ‘leer van de versbouw’ voor het eerst aangetroffen in het jaar 1633

Vertalingen

Spaansprosodia