proosdij
vrouwelijk (de)/xxxx/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- (religie) de ambtswoning van een proost
- (middeleeuwen) een wereldlijk gebied bestuurd door een abt of proost
Etymologie
*afgeleid van proost
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek
*afgeleid van proost