porselein

onzijdig (het)/ˌpɔrsəˈlɛin/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. fijn, geglazuurd aardewerk
    Die beeldjes van porselein zijn zeer waardevol.
  2. voorwerpen van fijn, geglazuurd aardewerk
    Het porselein van de overleden grootouders zal bij verkoop veel opbrengen.
  3. groente, verouderd (groente) (verouderd) benaming voor

Etymologie

*[2] van Middelnederlands "porceleine",

Vertalingen

Engelsporcelain, porcelain
Fransporcelaine, porcelaine
DuitsPorzellan
Spaansporcelana
Portugeesporcelana
Poolsporcelán
Zweedsporslin, porslin
Deensporcelæn