poppenkast

mannelijk/vrouwelijk (de)/xxxx/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. spel (spel) getimmerte waarin een poppenspel wordt gespeeld
    Ligt er een poppenkast op zolder?
  2. spel, toneel (spel), (toneel) poppenspel dat hoort bij het onder [1] genoemde
    We speelden poppenkast voor de klas.
  3. figuurlijk, pejoratief (figuurlijk), (pejoratief) aanstellerij, schijnvertoning
    De hele politiek is een poppenkast.