pochen
/xxxx/
Betekenis
werkwoord
- (inerg) zichzelf groots voorstellen"Dat doe ik met gemak" pochte hij.
Etymologie
* Leenwoord uit het Duits, in de betekenis van ‘snoeven’ voor het eerst aangetroffen in 1573
Vertalingen
Engelsboast, brag
Spaansfanfarronear, jactarse
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek