pleeboy

mannelijk (de)

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. toiletdeskundige
    Dick van Zomeren glimlacht om de bijnaam die hij de afgelopen jaren verwierf: pleeboy. Hoe gaan die dingen. Toen hij, als hoofdredacteur van Service Management -vakblad voor de schoonmaaksector- in 1985 zijn eerste toiletonderzoek deed, schrok hij van de hoeveelheid publiciteit die de uitkomst genereerde.
  2. houder voor toiletrollen

Etymologie

* ; afgeleid van playboy