plaatsbewijs
onzijdig (het)/ˈplatsbəˌwɛis/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- Een bewijs vroeger meestal een kaartje vaak ook een ov-chipkaart dat men recht heeft op een (zit)plaats.In tien wedstrijden werd niet voldoende gewonnen om een plaatsbewijs voor het wereldtoernooi te bemachtigen.
Vertalingen
Engelsbill, note, ticket
Spaanslocalidad
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek