piston
mannelijk (de)/pisˈtɔn/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- (muziek) koperen blaasinstrument met ventielen
- ventiel van een koperen blaasinstrument
- (motortechniek) zuiger
- kruiwagen
zelfstandig naamwoord
- vat om urine in te verzamelen
Etymologie
*[A] via """ van "pistone", in de betekenis van ‘zuiger, ventiel’ aangetroffen vanaf 1824
Vertalingen
Spaansémbolo, pistón
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek