piraterij
vrouwelijk (de)/xxxx/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- het beroven of plunderen van een schip op open zeeNederland neemt actief deel aan missies die de koopvaardij beschermen tegen piraterij.
- opzettelijke schending van het auteursrecht door het ongeoorloofd namaken van goederen of kopiëren van gegevensDe filmbranche ziet digitale piraterij als grootste bedreiging van haar voortbestaan.
Etymologie
*Afgeleid van piraat .
Vertalingen
Engelspiracy, piracy
Franspiratage
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek