piramide

vrouwelijk (de)/piraˈmidə/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. wiskunde (wiskunde) ruimtelijke figuur, bestaande uit een veelhoek als grondvlak en driehoekige zijvlakken
  2. bouwkunde (bouwkunde) bouwwerk in die vorm
    Egyptische media winden zich op over een bericht op een religieuze website waarin staat dat het vernietigen van monumenten zoals de piramiden en de sfinx van Gizeh "een religieuze plicht" is. [http://www.nu.nl/buitenland/4003250/ophef-in-egypte-fatwa-sfinx.html www.nu.nl]
  3. figuurlijk (figuurlijk) iets wat zo in elkaar zit dat een brede basis geleidelijk versmalt tot een kleine top aantallenpiramide, bevolkingspiramide, gezagspiramide, voedselpiramide etc.

Etymologie

* van "pyramide", in de betekenis van ‘spits grafmonument’ voor het eerst aangetroffen in het jaar 1566

Vertalingen

Engelspyramid
Franspyramide
DuitsPyramide
Spaanspirámide
Italiaanspiramide
Portugeespirâmide
RussischПирамида
Chinees金字塔
Japansピラミッド
Koreaans피라미드
Arabischهرم
Turkspiramit
Poolspiramida
Zweedspyramid