woorden
boek
Start
›
P
›
pikbroek
pikbroek
mannelijk (de)
/xxxx/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
scheepvaart
(scheepvaart) een matroos
Etymologie
*Samenstelling van pik, (van pek) en broek
Verwante woorden
pikbroeken
Bron:
OpenTaal
&
WikiWoordenboek
← pikantste
pikbroeken →