perforator

mannelijk (de)/ˌpɛrfoˈratɔr/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. een apparaat om gaten te maken in papier, karton, kunststof folie of metaalplaat
    Geef me de perforator even door. Ik wil deze bladen in een map stoppen.

Etymologie

* van perforeren

Vertalingen

Engelshole punch, punch, perforator
Fransperforatrice, perforateur, perforeuse
DuitsLocher, Perforator
Spaansperforador, perforadora