paté
mannelijk (de)/paˈte/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- (voeding) stevig, maar smeerbaar mengsel van fijngemalen vlees's Avonds op de bank genieten we van een wijntje en toastjes met paté.
Etymologie
*Van het Franse pâté.
Vertalingen
Engelspâté
Franspâté
Spaanspaté
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek