passagieren

/xxxx/

Betekenis

werkwoord
  1. aan wal gaan van bemanningsleden van (zee)schepen tot het schip weer uitvaart
    De aloude zeemansgewoonte om in elke havenstad op zoek te gaan naar drank, hoeren, een nieuwe tattoo en een stevige knokpartij behoort vrijwel tot het verleden. Matrozen en stuurlui als die van de Energizer krijgen allang de tijd niet meer om te gaan ‘passagieren’. In Rotterdam zijn ze voor dergelijk vertier bovendien ook op de verkeerde plek. Op een enkele seksclub na heeft de stad de ‘zwierzoeker’ weinig of niets te bieden. NRC Wim de Jong 4 september 2015

Etymologie

* afleiding van passagier