pais
mannelijk/vrouwelijk (de)/pɑjs/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- toestand van rust en vrede
Etymologie
*via Middelnederlands """ en """ van Latijn "pax", in de betekenis van ‘vrede’ aangetroffen vanaf 1265
Uitdrukkingen
- pais en vree
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek