pachyderm
mannelijk (de)/ˌpɑxiˈdɛrᵊm/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- (dierkunde) benaming voor zoogdieren met een dikke huid zoals olifant, nijlpaard en neushoorn
Etymologie
*van "παχύδερμος", gevormd uit "παχύς" (pachus) "dik" "δέρμα" (dérma) "huid"
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek