overtreder

mannelijk (de)/xxxx/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. iemand de de grenzen door de wet gesteld over gaat
    De overtreder reed 120 km op een weg waar men maar 80 mocht rijden.
    Roumen zegt dat gemeenten bij „notoire overtreders” van de wet nog steeds kunnen ingrijpen. Dat regelt het convenant expliciet, benadrukt hij: na drie of vier geslaagde aankopen door de mysterykids kan de gemeente besluiten de betrokken ondernemer uit de overeenkomst te schrappen. NRC Ingmar Vriesema 21 december 2016
  2. iemand die de spelregels van een spel tijdens het spelen van het spel niet volgt
    Na een derde grove overtreding kreeg de overtreder een rode kaart en moest het voetbalveld verlaten.

Etymologie

* van overtreden