overspringen
/xxxx/
Betekenis
werkwoord
- (intr) van het een op het andere springenZe hield een zwavelstok bij de smeulende kolen, een vonk sprong overZestig jaar echtpaar: beiden keken om en de eerste vonk sprong over
- (intr) over iets uitsteken, vooruitsteken
- (ov) overslaan
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek