overlever

mannelijk (de)/ˌovərˈlevər/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. iemand die zeer bedreigende situaties doorstaat
    Ik ben een migrant, een overlever. De buitenwereld heeft me niet gevraagd hierheen te komen. Om jezelf staande te houden tijdens de reis en ook daarna, moet je bepaalde emoties uitschakelen. Vluchten is niet van A naar B gaan, het is jezelf overeind houden.
  2. iemand die met minimale hulpmiddelen kan overleven in de vrije natuur

Etymologie

* van overleven