overhoring

vrouwelijk (de)/ˌovərˈhorɪŋ/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. het nagaan of iemand bepaalde kennis in voldoende mate tot zich genomen heeft door het stellen van vragen over deze kennis
    Bij de overhoring bleek hij de stof zeer goed te beheersen.

Etymologie

*Naamwoord van handeling van overhoren .

Vertalingen

Engelsoral test
Fransinterrogation
DuitsAbfragen