overhaasten

/ovər'hastə(n)/

Betekenis

werkwoord
  1. ov (ov) iets te snel willen doen zodat er fouten gemaakt worden
    Minister voor Eenwording, Cho Myong-gyon, voerde namens de Zuid-Koreaanse delegatie het woord. Hij liet vlak voor de ontmoeting weten kalm het gesprek aan te gaan en de zaken niet te overhaasten.de Telegraaf 09 jan. 2018
    Onlangs liet de zangeres, die sinds de scheiding met Van Ingen op een vakantiepark in De Lutte woont, weten dat haar relatie „hartstikke goed” ging en dat ze „een enorme lieverd” had getroffen. „We willen echter niets overhaasten”, vertelde de Dutch Diva aan Privé.de Telegraaf 08 jan. 2018

Vertalingen

Engelshurry, rouse, make haste