oud-politicus
mannelijk (de)/ˌɑutpoˈlitiˌkʏs/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- voormalig politicusDe Britse oud-politicus N. G. is veroordeeld tot 10,5 jaar cel in een pro-Russisch omkoopschandaal. G., de voormalige leider van de radicaal-rechtse partij Reform UK in Wales, heeft duizenden euro's aangenomen om pro-Russische uitspraken te doen.[https://nos.nl/artikel/2591394-10-jaar-cel-voor-britse-oud-politicus-in-pro-russisch-omkoopschandaal nos.nl (21 nov 2025)]
Etymologie
* , volgens spellingregel 6.I geschreven met een koppelteken
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek