orthodontist

mannelijk (de)/xxxx/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. beroep, medisch (beroep) (medisch) een tandarts-specialist die de vorm, groei en ontwikkeling van het gebit en de kaken bestudeert
    De orthodontist had net een nieuwe beugel bij me geplaatst, toen ik van de fiets viel.

Etymologie

*afgeleid van orthodontie ()

Vertalingen

Engelsorthodontist
DuitsKieferorthopäde
Spaansortodoncista