opvangplek

mannelijk/vrouwelijk (de)

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. plaats waar iets of iemand die in nood is wordt gehuisvest
    Ze kijkt buiten Nederland naar "een meer natuurlijke omgeving" en heeft haar oog laten vallen op een olifanten-opvangplek in Frankrijk. "Het gaat uiteindelijk om wat het beste voor hem is", stelt ze.
    Een andere opvangplek met dezelfde capaciteit als de kazerne is in zijn gemeente niet te vinden, zegt de burgemeester "Ik zou zo 1-2-3 niet weten waar. Dit is een heel grote groep. Zo'n gebouw als de kazerne, waar zo veel mensen in terechtkunnen, hebben wij niet leeg staan."