optillen

/ˈɔptɪlə(n)/

Betekenis

werkwoord
  1. ov (ov) iets van de grond opheffen
    Hij probeerde zijn zoontje op te tillen, maar ervoer dat de jongen daarvoor al te groot was.
  2. het hoofd optillen: niet meer naar beneden kijken maar vooruit of omhoog
    Toen tilde hij het hoofd weer op en keek eerst de kring mannen rond en daarna Kleine Woord aan. {{Aut|Herzen, Frank

Vertalingen

Engelslift, pick up
Franslever, ramasser
Duitsaufheben, heben
Spaanscoger, recoger, levantar
Portugeeselevar, erguer
Poolspodnosić, podnieść
Deensløfte, hæve