opstromen
/ˈɔpstromə(n)/
Betekenis
werkwoord
- (ov) zich geleidelijk in een bepaalde richting bewegenAls u niet alle financiële termen en producten die in de film aanbod komen snapt, twijfelt u dan vooral niet aan uw intelligentie. De meeste financiële experts snapten er destijds ook niets van en wilden het ook niet snappen zolang het geld maar de goede kant bleef opstromen.De twintigers en dertigers die nu langzaam de arbeidsmarkt opstromen, delen hun huizen, werkplekken en vervoersmiddelen en komen massaal bijeen op muziekfestivals.
- (inerg) doorgaan naar een opleiding waar meer theoretische kennis wordt onderwezenOm de krimp op te vangen zou er één vmbo-, één havo- en één vwo-school komen. Alleen nog categoraal onderwijs dus – op de Vrije School na. Ouders zagen dat niet zitten; vooral niet als hun kind een dubbel advies had zoals havo/vwo. Zij willen dat hun kind kan opstromen."Uiteindelijk ontvangen ook de mavo-plussers het vmbo-t-diploma. "Maar ze krijgen wel een betere voorbereiding en een naadloze toegang tot havo, tenzij ze tussentijds opstromen naar havo, dat kan natuurlijk ook." Zeer goede mavo-plussers kunnen direct doorstromen naar havo 5 in plaats van havo 4.
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek