opslag

mannelijk (de)/ˈɔpslɑx/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. berging, tijdelijke plaatsing van goederen
    De meubels zijn nog in opslag, maar we kunnen ze morgen afhalen.
  2. sport (sport) het de lucht inspelen van de bal om deze zo in het spel te brengen
    De tegenstander liet de bal uitgaan en zo kreeg hij de opslag.
  3. loonsverhoging
  4. financieel (financieel) bijkomende kosten die in rekening worden gebracht, bijv. na een niet of te laat betaalde premie, alimentatie e.d.
  5. het opslaan (van de ogen bijv: oogopslag)

Vertalingen

Engelsbox-room, storage room
Spaansalmacén, almacenamiento