opruimactie

vrouwelijk (de)/ˈɔprœymˌɑksi/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. geheel van opeenvolgende handelingen om een gebied of ruimte van rommel te ontdoen en weer in een ordelijk staat te brengen
    Vrijwilligers vissen met schepnetten plastic uit de Amsterdamse grachten na Koningsdag. Het doel van deze opruimactie is om de grachten weer vrij te maken van al het afval dat tijdens de feestdag in het water is terechtgekomen.