oplage
mannelijk/vrouwelijk (de)/ˈɔplaɣə/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- (drukkunst) het aantal exemplaren van een drukwerk (bijv. boek, tijdschrift of krant e.d.) dat bij dezelfde publicatiegelegenheid gedrukt wordt
- (drukkunst) ongewijzigde herdruk
- (numismatiek) het aantal geslagen munten
Etymologie
* Leenvertaling van Duits Auflage, letterlijk ‘het opgelegde’; gevormd uit op- en lage (i.p.v. laag); daarnaast de bijvorm oplaag.
Vertalingen
Engelsprinting, run, circulation
Franstirage
DuitsAuflage, Auflagenhöhe
Spaanstirada, tiraje
Italiaanstiratura
Portugeestiragem
Zweedsupplaga
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek