ophoren

Betekenis

werkwoord
  1. met verbazing of verwondering naar iets luisteren
    Wat doet dat met een mens? Kunnen we dat emotioneel aan? Wekenlang van hoogtepunt naar hoogtepunt? En dan op 25 december nog ophoren van het overbekende kerstverhaal vanuit Lukas 2?
    Van het bestaan van een Partij voor de Dieren zal de gemiddelde inwoner van Burkina Faso, in West-Afrika, op z’n minst ophoren. Waarschijnlijker is dat hij ongelovig zal lachen. Dieren zijn er genoeg in het land, maar woordvoerders in het parlement moeten ze ontberen.
  2. eindigen, ophouden