opflakkeren
/ɔ'pflɑkərə(n)/
Betekenis
werkwoord
- plotseling weer heftig gaan brandenBeelden op de televisiezender Globovision toonden een dichte zwarte rookpluim en vlammen die opflakkeren vanachter een schijnbaar onbeschadigd gebouw.Het Parool 5 MEI 2013 [https://www.parool.nl/buitenland/vliegtuig-stort-neer-in-woonwijk-in-venezuela~a3436786/ Vliegtuig stort neer in woonwijk in Venezuela ]De brand werd vanochtend 'onder controle verklaard' nadat de aanwezige brandweerlieden de voorbije nacht op het terrein geen nieuwe vlammen zagen opflakkeren of rookontwikkeling opmerkten, luidt het in een verklaring.Het Parool 27 JULI 2012 [https://www.parool.nl/buitenland/grote-brand-in-spanje-onder-controle~a3292660/ Grote brand in Spanje onder controle ]
- vanuit een rustige situatie weer heel actief worden, met name van gevoelens en hartstochtenMaar een makkelijk gegeven strafschop (hands) deed de onrust in het City of Manchester Stadium, waar de niet-speelgerechtigde Nigel de Jong op de tribune zat, vijf minuten later alweer opflakkeren.Het Parool 16 APRIL 2009 [https://www.parool.nl/sport/duitsland-staat-niet-langer-droog~a237597/ Duitsland staat niet langer droog ]
Vertalingen
Engelsflare up, flicker
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek