operatie

vrouwelijk (de)/ˌopəˈra(t)si/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. een aantal gecoördineerde acties
    Bij Nasa worden hele onderzoeksdivisies wegbezuinigd (waarbij boze tongen beweren dat dit de commerciële operatie van Elon Musks Starlink niet slecht uitkomt). [https://www.parool.nl/columns-opinie/je-vraagt-je-af-wat-trumps-volgende-stap-is-in-de-ontkenning-van-wetenschappelijke-waarheden~b005a3e5/ www.parool.nl (25 apr 2025)]
  2. medisch (medisch) een chirurgische ingreep
    En hij overleefde de operatie en hij vocht zich door de chemo's en al die nare controles heen, om vervolgens hier op deze idyllische plek alsnog uit het leven te stappen.
    Tot negentig procent van de tumor kon met een operatie worden weggehaald.
    Hij was al weer snel hersteld na de operatie.
  3. wiskunde (wiskunde) een bewerking op een object door een operator
    Na die operatie was de som eindelijk opgelost.

Etymologie

* van opereren

Uitdrukkingen

  • Operatie geslaagd, patiënt overleden.Iets is gelukt, maar met zoveel bijkomende schade dat het uiteindelijke resultaat toch negatief is.

Vertalingen

Engelsoperation, operation, surgical operation
Fransopération, dispositif, opération
Spaansoperación, operación