opdondertje

/ˈɔbdɔndərcə/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. man of jongen met een kleine gestalte
    In het gesprek in haar woonkamer stelt Staps zelf een cruciale vraag: „Je zult je afvragen hoe het heeft kunnen gebeuren dat drie sterke vrouwen werden misbruikt door zo’n opdondertje als Ooms. Maar ik kan je zeggen: het heeft niets te maken met fysieke kracht.”

Etymologie

*afgeleid van "opdonder"