oortje
/ˈorcə/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- mini-luidsprekertje om in je oren te stoppen zoals gebruikt met smartphones
Etymologie
* In de betekenis van ‘munt’ voor het eerst aangetroffen in het jaar 1350
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek
* In de betekenis van ‘munt’ voor het eerst aangetroffen in het jaar 1350