onwettigheid

vrouwelijk (de)

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. de mate waarin iets niet voldoet aan juridische eisen
    Hoe kon zij zich veilig voelen als elk ogenblik de smet van onwettigheid op haar geworpen kon worden? Geen enkele heerser is ooit kwetsbaarder geweest dan Elizabeth.
  2. handeling die niet voldoet aan juridische eisen

Etymologie

*afleiding van onwettig