onverlaat
mannelijk (de)/ˈɔɱvərˌlat/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- (scheldwoord) iemand met een verdorven karakterWat is dat een nare onverlaat.
Etymologie
*van Middelnederlands "onverlaet" "vuiligheid", in de betekenis van ‘slechte kerel’ voor het eerst aangetroffen in 1589
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek