ontbijten
/ɔndˈbɛitə(n)/
Betekenis
werkwoord
- (inerg) de eerste maaltijd van de dag nuttigenIk was aan het ontbijten aan een picknicktafel toen er een man genaamd Josh bij me kwam zitten.
Etymologie
*Afgeleid van bijten .
Vertalingen
Duitsfrühstücken
Spaansdesayunar
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek