onroerendgoedbelasting
vrouwelijk (de)/ˌɔnrurəntˈxudbəˌlɑstɪŋ/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- belasting die men moet betalen als eigenaar van huizen en gebouwenHoe staat het trouwens met je huis in Den Bosch? Door de gemeente gevorderd, of hoe noemen ze dat, wegens achterstallig onderhoud. De onroerendgoedbelasting zal er ook wel iets mee te maken hebben.Volgens de premier heeft de Griekse bevolking, en vooral diegenen die het zwaarst zijn getroffen, recht op verlichting, en moeten onrechtvaardigheden worden hersteld. Hij kondigde onder meer belastingverlichtingen aan. De onroerendgoedbelasting voor een groot deel van de bevolking zal de komende twee jaar worden gehalveerd. De belasting voor bedrijven gaat komend jaar van 29 naar 25 procent. En de belasting voor de laagste inkomensgroepen gaat omlaag.
Vertalingen
Engelstax on real estate, land rates
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek