ongeduld

onzijdig (het)/xxxx/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. drift, boosheid, woedeaanval, zonder geduld
  2. de emotie die men ondervindt als men ongewild ergens op moet wachten
    Veel mensen wachtten vol ongeduld op hun postdozen die door de bosbranden veel vertraging hadden opgelopen.

Etymologie

*antoniem van geduld

Vertalingen

Engelsimpatience
Fransimpatience
DuitsUngeduld
Spaansimpaciencia