ondanks

/ˈɔndɑŋks/

Betekenis

voorzetsel
  1. ook al is het zo dat; hoewel ... toch ...
    Zij wisten ondanks het noodweer hun eindbestemming zonder al te veel vertraging te bereiken.
    Ondanks de prachtige omgeving keek ik bij elk geluid toch wat schichtig achterom.
voegwoord
  1. (onderschikkend) drukt een tegenstelling met het voorafgaande uit

Etymologie

*van Middelnederlands """, als voorzetsel’ voor het eerst aangetroffen in 1420, op te vatten als afgeleid van "ondank"

Uitdrukkingen

  • ondanks dat

Vertalingen

Engelsdespite, in spite of
Fransmalgré
Duitstrotz, obwohl
Spaanspese a, a despecho de, a pesar de
Russischнесмотря на, хотя
Zweedstrots