onbevangenheid

vrouwelijk (de)

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. het zonder enig vooroordeel zijn
    Waarschijnlijk viel het tegen vanwege haar betrekkelijke onbevangenheid, dacht Chantal toen ze een vrachtwagen inhaalde.

Etymologie

* afleiding van onbevangen

Vertalingen

Engelsfrankness, open-mindedness